![]() Memphis, hoofdstad Farao Menes
Rond 2900 v. Chr. verenigde een boerenstam uit het zuiden, Noord en Zuid-Egypte tot één staat. Hun leider was Menes, de eerste ons bekende farao.
Hij maakte Memphis tot hoofdstad van zijn rijk. Hij werd vereerd als de zoon van
de zonnegod. Zijn priesters waren tevens de geleerden. Zijn edelen
en hoge ambtenaren bestuurden namens hem de gouwen van het land en
regelden de irrigatie. De handwerkslieden hadden een beter bestaan
dan de boeren die hard moesten werken op het land en moesten meehelpen aan de bouw van de
monumenten. Dit laatste beschouwden ze echter niet als slavenwerk, maar als een
religieuze daad in het belang van de farao, de godenzoon. Handelaren haalden
over de Nijl luxeartikelen uit de landen aan de Rode Zee, koper en mooie
steensoorten uit de Sinaï, evenals goud, slaven en ebbenhout uit Nubië. De paleizen en woonhuizen werden gebouwd van organisch materiaal. Vandaar er niet veel meer over is van de oude stad. Tussen de palmen en de akkers liggen de ruïnes van een tempel gewijd aan Ptah. Ten zuiden van deze tempel ligt een albasten sfinx. Deze sfinx dateert waarschijnlijk uit 1600 v. Chr. Vlak bij de sfinx staat een museumgebouw. Vanaf de bovengalerij kijkt men neer op een beeld van Ramses II.
Het ligt nu op zijn rug en laat heel duidelijk de ingebeitelde cartouches zien op de rechterschouder, borst en gordel. De godenbaard is nog gaaf en op het handvat van de dolk staan twee sperwerkoppen. Het beeld dat oorspronkelijk 30 meter hoog was, mist stukken van de benen en ook de dubbele kroon is er afgebroken. Vanuit de bovengalerij kijkt men ook neer op een ander beeld van Ramses II, dat buiten het gebouw tussen de palmen staat. De belangrijkste bezienswaardigheden zijn het enorme kalkstenen beeld van
Ramses II en een albasten sfinx. De in 1820 teruggevonden kolos van Ramses ligt
nu in het museum. Oorspronkelijk was het 80 ton wegende beeld 15 meter hoog. Een
tweede beeld van de machtige farao is hier in 1882 ontdekt en siert nu het
stationsplein van
Caïro. |